logo blog-web Zoek willekeurig een blog
logo blog-web Zoek hier andere weblog
Google
Blog: Globalisering en neoliberalisme ontmaskerd

Globalisering en neoliberalisme ontmaskerd

Wij zijn tien studenten die een manama Conflict & Development volgen aan de universiteit van Gent. In het kader van het vak 'politiek van de globalisering' kregen we de opdracht een thematische blog bij te houden. Wij opteerden voor het thema: 'globalisering, neoliberalisme en de weldadaden van de markt: mythe of waarheid?' en zullen dan ook trachten op regelmatige tijdstippen commentaren op artikels en videofragmenten in verband met dit thema te geven.
 
Voel u welkom om enig commentaar achter te laten. 



archief 2008

January [1]
archief 2007
December [21]
November [2]

Total Hits: 815
Unique Hits: 309
U bent hier: Home blog:Globalisering en neoliberalisme ontmaskerd Globalization's Effects on the Global Poor

Globalization's Effects on the Global Poor

clock Dit artikel is gepubliceerd op 2007-12-19 19:07:39 door Lieselot D'Haene

 

Als beeldfragment koos ik een uiteenzetting van Prahalad over de goede en slechte effecten van globalisatie op armoede. Dit beeldfragment sluit aan bij de tekst ‘Nobelprijs voor neoliberalisme?'.

Prahalad is een Indische econoom en hoogleraar aan de universiteit van Michigan Ross School of Business. In zijn bekendste boek, The Fortunate at the Bottom of the Pyramid (2004), pleit hij om mensen die zich in de onderkant van de piramide (BOP) bevinden als volwaardige consumenten te beschouwen.  De armen wensen ook deel uit te maken van de globalisatie (aldus Prahalad).

Volgens Prahalad biedt globalisatie zowel voordelen als nadelen voor de armen. Een voordeel volgens Prahalad is dat er meer dan 300 miljoen mensen verschuiven van onder de $1 grens naar boven de $1 grens. De armen hebben dus een kans om uit de armoedeval te geraken. Maar het slechte nieuws is dat er meer sociale onrust aanwezig is door de stijging van de ongelijkheid. Dankzij globalisatie functioneren de markten beter maar het zijn meestal de rijke en rijke landen die er voordeel kunnen uithalen omdat ze de juiste middelen/activa bezitten (vb. een goede opleiding). Prahlad stelt zich de vraag over hoe de wereld er over 20 jaar zal uitzien wanneer de ongelijkheden nog meer uitgesproken zullen zijn.  

Volgens het IMF, de Wereldbank en de meeste overheden vanuit het noorden, is aan handel doen het meest machtigste instrument dat overheden hebben om de armen ook te laten profiteren van de globale groei. Dollar & Kraay voerde in opdracht van de Wereldbank een studie uit waarbij via cijfers werd aangetoond dat vrijhandel zorgt voor economische groei en dat deze groei bovendien doorsijpelt naar de armen. Er wordt dus een nieuwe nadruk gelegd op armoedebestrijding binnen deze instellingen. Men bekijkt armoede als een globaal probleem, met marktparticipatie als globale oplossing. De rol van de staat moet geminimaliseerd worden en er wordt nadruk gelegd op good governance (een rechtsstaat, bescherming van de eigendomsrechten, bescherming tegen geweld, eerlijkheid en transparantie bij de overheid en voorspelbaarheid van het gedrag van de overheid). 

Prahalad, De Soto, Amartya Sen en Muhammed Yunus argumenteren dat de armoede kan verminderen door de armen te integreren in de markt. Dankzij deze integratie kan de arme bevolking ook voordeel halen uit de globalisatietrend. Prahalad beschouwt de arme bevolking als actieve economische spelers en ziet de ‘onderkant van de piramide’ als een grote markt voor bedrijven. Deze bedrijven moeten hun product aanpassen aan de noden van de armen vb. Philips met zijn houtkacheltjes in India, Unilever verkoopt zeep en shampoo in India via een lokaal netwerk van Shakti – vrouwen, ... Wanneer de multinationals erin slagen om de bottom of the pyramid te activeren, zullen zij grote winsten maken, en tegelijkertijd de armoede uitroeien. De armen kunnen dus ook meespelen in het globalisatieproces en er voordelen uit halen. Prahalad noemt dit de democratisering van de globalisering.  Hernando de Soto wenst de armen ook te integreren in de formele economie. In zijn boek The Mystery of Capital (2000) beschrijft hij hoe eigendomsrechten er voor kunnen zorgen dat de armoede vermindert. Informele eigendommen van de armen moeten geformaliseerd worden. Wanneer de armen eigendomsrechten bezitten kunnen ze leningen aangaan met hun eigendom als onderpand. Dus door deze eigendomsrechten wordt dood kapitaal omgezet in levend kapitaal, waardoor de armen kunnen deelnemen aan de formele economie.  Amartya Sen en Nussbaum leggen de focus op kansen en toegang tot de wereldmarkt. Ongelijkheid op globaal niveau zal altijd aanwezig zijn maar op individueel niveau kan een arme opklimmen door deel te nemen aan de formele economie, door zijn kansen te grijpen en te participeren op de wereldmarkt. Armoede is geen kwestie van domheid maar een kwestie van gebrek aan kansen. Muhammed Yunus argumenteert dan weer dat armoede kan verminderd worden indien de armen toegang krijgen tot microkredieten (zie artikel ‘Nobelprijs voor neoliberalisme?’).

Critici (vooral academici, NGO’s en ontwikkelingsspecialisten) stellen zich toch vragen bij deze theorieën. Men argumenteert dat kapitalisme in deze omstandigheden onaanvaardbaar is en moreel verwerpbaar.

 




reacties op artikel


Plaats reactie

(e-mail wordt niet vrijgegeven )





Vul de tekst hierboven in zoals het verschijnt: hou er rekening mee dat het hoofdlettergevoelig is: